Tijd voor een update!

Het is inmiddels al weer een poosje geleden dat ik een blog voor jullie heb geschreven. Daarom een snelle recap van de afgelopen maanden en een update over wat er allemaal op de planning staat!

1. De Pilot van het Brainlinks Project

Zoals ik jullie in mijn vorige blog al had verteld houd ik me tijdens mijn PhD bezig met het uitvoeren van een groot project waarin we de ontwikkeling van prosociaal gedrag in de adolescentie onderzoeken. Voor dit project willen we 150 adolescenten en hun ouders uitnodigen om MRI scans te maken, vragenlijsten in te vullen, en allerlei taakjes te doen. In mijn vorige blog vertelde ik al dat er vanalles te regelen valt voordat je met zo’n project kan beginnen. Maar al snel na mijn blog kwam er goed nieuws! Begin februari kwam het verlossende woord van de ethische commissie: we mochten beginnen met het onderzoek! Zoals ik in mijn vorige blog aangaf, wilden we beginnen met een Pilot onderzoek bij een wat kleinere groep volwassen deelnemers om te testen of alle meetinstrumenten die we hebben ontwikkeld naar behoren werken. Die Pilot is uiteindelijk halverwege februari van start gegaan,  en vanaf dat moment hebben we zo’n beetje elke week deelnemers langsgehad om mee te doen. Inmiddels hebben er 30 deelnemers aan deze Pilot meegedaan en zullen er a.s. maandag nog twee langskomen.

Wat was het leuk om met de Pilot te beginnen! Ik hou erg van schrijven en analyseren, werkzaamheden waar ik me vorig jaar veel mee bezig heb gehouden, maar ik ben altijd blij als er weer een fase komt waarin ik als onderzoeker veel contact heb met deelnemers van het onderzoek. Daarnaast was ik erg benieuwd of alles goed zou werken: zouden de taken goed te begrijpen zijn en goed werken? Inmiddels kan ik wel zeggen dat de Pilot een groot succes was: de deelnemers vonden het leuk om mee te doen en het lijkt erop dat alle meetinstrumenten goed gewerkt hebben. Dat geeft vertrouwen en motivatie voor de volgende fase: de adolescentenstudie met 150 deelnemers.

2. De adolescentenstudie van het Brainlinks Project

Ja beste lezers, we gaan namelijk volgende week van start met de tweede fase van het Brainlinks Project. Aanstaande week hopen we in totaal zeven jongeren te verwelkomen om aan ons onderzoek mee te doen. Je zou misschien denken dat dat nu niet zoveel voorbereidingstijd kostte omdat we de Pilot al grotendeels achter de rug hebben, maar niets bleek minder waar! Tijdens de Pilot hebben we hard gewerkt aan het optimaliseren van onze meetinstrumenten, bijvoorbeeld om ervoor te zorgen dat de situaties die deelnemers tegenkomen zo veel mogelijk op de echte wereld lijken. Daarnaast hebben we deze week nog allerlei aanpassingen gedaan aan de informatie voor onze deelnemers, vanwege de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) die op 25 mei ingaat. We hopen dat het door de aanpassingen nog duidelijker wordt voor onze deelnemers wat hun rechten zijn en wat er precies met de gegevens gebeurt die wij verzamelen in het kader van ons onderzoek. Inmiddels zijn we druk  bezig om zoveel mogelijk mensen te vinden die mee willen doen aan ons onderzoek. Ken jij nog iemand tussen de 9 en 17 jaar die mee zou willen doen? Dan kunnen zij zich inschrijven via onze website: https://www.juniorhersenen.nl/brainlinks.

3. Het analyseren van de Pilot data

Voor het Brainlinks Project heb ik samen met mijn begeleiders een nieuwe fMRI (functionele MRI) taak ontwikkeld om het gedrag van de deelnemers te onderzoeken. Met de Pilot data zo goed als binnen werd het tijd om te kijken of de taak heeft gewerkt en wat we van de uitkomsten kunnen leren over hoe mensen met elkaar omgaan. Gelukkig bleek de taak goed te werken en ziet het er naar uit dat ik binnenkort een nieuw wetenschappelijk artikel (dat tevens een hoofdstuk van mijn proefschrift zal vormen) zal kunnen schrijven! Het zal waarschijnlijk even wennen worden om aan dat artikel te werken omdat het de eerste keer zal zijn dat ik zal schrijven over hersendata: tot nu toe heb ik alleen artikelen geschreven die enkel over gedrag gingen. De hersendata bekijk je op een andere manier, met andere programma’s, en worden ook op een net andere manier opgeschreven. Ik heb er zin in om te zien of ik het schrijven over hersendata even leuk vind als het schrijven over gedrag!

4. De eerste twee artikelen die ik heb geschreven

Op de achtergrond ben ik ook nog altijd bezig met de twee artikelen die ik tijdens het eerste jaar van mijn promotietraject heb geschreven. Zoals je misschien nog wel weet uit een eerdere blog heeft het nogal wat voeten in de aarde om je artikelen gepubliceerd te krijgen bij wetenschappelijke tijdschriften. Een artikel wordt altijd bekeken door een editor, die een keuze maakt over of het artikel in het tijdschrift gepubliceerd kan worden, en door een paar experts die de editor advies geven over de kwaliteit van het artikel. Het eerste artikel dat ik schreef over de ontwikkeling van vertrouwen en de wederkerigheid daarvan in de adolescentie werd in eerste instantie bekeken door experts, maar werd daarna afgewezen. Vervolgens heb ik het ingediend bij een ander tijdschrift. Drie maanden later bleek dat de experts en de editors van het tweede tijdschrift potentie zagen in het artikel! Ik kreeg een paar maanden de tijd om hun feedback te verwerken en inmiddels zijn de experts opnieuw aan het bekijken of het artikel in de huidige vorm wel geaccepteerd kan worden voor publicatie.

Het tweede artikel wat ik schreef – over hoe jongeren delen met verschillende soorten leeftijdsgenoten – werd een week nadat ik het had ingediend meteen afgewezen door de editor van dat tijdschrift. De editor vond namelijk dat het artikel niet goed genoeg bij het tijdschrift paste en had een voorkeur voor andere meetinstrumenten. Natuurlijk vond ik het even jammer dat het artikel werd afgewezen en dit keer niet eens door experts bekeken werd, maar gek genoeg wordt het met elke afwijzingen makkelijker te accepteren – in elk geval een paar dagen nadat je het te horen hebt gekregen 😉 Een paar dagen na de afwijzing later stuurde ik het artikel op naar een ander tijdschrift, waar ze er wel wat in zagen en waar het bekeken werd door verschillende experts. Die experts vonden het artikel wel goed maar net niet spectaculair genoeg voor het tijdschrift, dus helaas werd het artikel opnieuw afgewezen. Gelukkig heb ik wel de feedback van de experts gekregen, dus de komende weken ga ik het artikel aanpassen en het bij een derde tijdschrift proberen. Nu gaat het vast lukken!

Het is me tot nu toe tijdens mijn promotietraject in elk geval duidelijk geworden dat het publiceren van artikelen niet zo gemakkelijk ging als ik van tevoren dacht. Ik had wel gehoord dat het publicatieproces moeizaam en langzaam kan zijn, maar heel naief had ik de hoop dat het bij mijn artikelen wel mee zou vallen. Soms kan ik het nog steeds lastig vinden dat het allemaal zo lang duurt: als ik enthousiast ben over mijn bevindingen wil ik ze het liefst met de hele wereld delen, maar door het huidige publicatie-systeem duurt het soms meer dan een jaar voor dat mogelijk is. Toch ben ik op een bepaalde manier ook wel weer blij met de afwijzingen: het zijn ook hele leerzame ervaringen die je laten zien dat je niet altijd alles onder controle hebt en dat je soms gewoon geduld moet hebben; en dat je het ook vooral niet als een gebrek aan vooruitgang moet zien als je artikel nog niet gepubliceerd is. FYI: voor je proefschrift is het trouwens niet per se nodig dat (al) je artikelen gepubliceerd zijn. Dus als ik er op een positieve manier naar kijk heb ik al twee hoofdstukken van mijn proefschrift af 🙂

5. Toekomstige blogs

Bedankt voor het lezen van deze update! Ik houd jullie via mijn toekomstige blogs graag op de hoogte van de voortgang van mijn promotietraject, de artikelen en de adolescentenstudie van Brainlinks, dus stay tuned!