Mijn eerste congres als PhD-kandidaat

Vorige week was het zover! Mijn eerste congres als PhD-kandidaat. Ik ging naar de tweedaagse VNOP-ISED-CAS Research Days. De eerste dag van dit ontwikkelingspsychologie congres werd speciaal georganiseerd voor PhD kandidaten zodat ze elkaar konden leren kennen en workshops konden volgen. Op de tweede dag kwamen allerlei wetenschappers die onderzoek doen naar de ontwikkeling van kinderen en jongeren bij elkaar voor een dag vol praatjes en posterpresentaties. Ik gaf op de tweede dag mijn eerste presentatie buiten mijn onderzoeksgroep – spannend! In deze blog vertel ik jullie hoe ik de Research Days heb beleefd!

De reis

De eerste dag van de Research Days begon erg gezellig: samen met een stuk of vijf andere PhD-kandidaten stapte ik in de trein naar Utrecht, waar de Research Days plaats zouden vinden. Het is altijd erg leuk om dit soort activiteiten samen met collega’s te doen, want het leren van elkaar en het uitwisselen van ervaringen begint eigenlijk al zodra je samen op pad gaat! Omdat mijn reisgenootjes zich allemaal in een andere fase van hun promotietraject bevinden hebben ze dagelijks met hele verschillende situaties te maken. De één begeleidt wel vijf scripties, de ander is druk aan het schrijven aan meerdere wetenschappelijke artikelen, en weer een ander is druk bezig met het verzamelen van data… en toch liepen we regelmatig tegen dezelfde leuke en minder leuke kanten van het promotietraject aan. Als PhD-kandidaat kun je het soms erg druk hebben en soms voel je je net een goochelaar die allerlei ballen in de lucht probeert te houden. Tegelijkertijd zorgt de afwisseling ervoor dat al je werkzaamheden boeiend blijven en is het vaak heel gezellig om met anderen aan al die verschillende dingen te werken.

De workshops

Eenmaal aangekomen op de locatie in Utrecht werden we eerst op een kopje koffie getrakteerd. Daarna was het tijd om alle aanwezigen in drie groepen te verdelen: er zouden namelijk drie workshops zijn waar je je van tevoren voor kon inschrijven. Ik had me opgegeven voor de workshop ‘Hoe bouw je een succesvolle en leuke carrière op in de wetenschap?’ Tijdens deze workshop kregen we allerlei tips en tricks om een betere en vooral ook gelukkige wetenschapper te worden. Zo gingen we aan de slag met  onze sterke en minder sterke punten als wetenschapper. Het idee was dat je een sterke eigenschap kon proberen nog sterker te maken en dat het minder nuttig was om al je tijd te steken in een zwak punt als je die kant van jezelf niet per se hoeft te gebruiken. Ik kon bijvoorbeeld proberen een eigenschap die ik bij mezelf als sterk beschouw (schrijven) sterker te maken door deze regelmatige te blijven oefenen (bijvoorbeeld met bloggen op deze website). En stel dat je ergens niet zo goed in bent (bijvoorbeeld in programmeren), dan kun je dat misschien beter uitbesteden en je focussen op de dingen waar je wel goed in bent.

Natuurlijk blijven er altijd vaardigheden die je toch echt nodig hebt om als onderzoeker succesvol te zijn. Zo heb ik er altijd een beetje moeite mee om in me in grote groepen in een discussie te mengen als de voertaal Engels is. In dat geval zit er soms niets anders op dan je over de drempel heenzetten en toch te oefenen met hetgene dat je lastig vindt. Gelukkig kon ik tijdens de workshop meteen de daad bij het woord voegen: die was namelijk in het Engels. En wat bleek: hoe meer ik hiermee oefende, hoe makkelijker het ging. We oefenden ook met andere dingen: we gingen bijvoorbeeld op zoek naar wat onze ‘niche’ is als onderzoeker: op welke plaats in de wetenschap kom jij het meest tot jouw recht? Op welk onderwerp richt je je dan? En ben jij het meest op je plek als ‘typische onderzoeker’: iemand die veel publiceert en daarmee veel impact heeft? Of ben je iemand die heel goed kan lesgeven, en wil je daar iets mee doen? Al met al was het een hele leuke workshop die me aan het denken heeft gezet over waar ik nu ben met mijn wetenschappelijke carrière en waar ik naartoe wil!

37751331125_b2ee704fe3_o

Hier zie je me in actie tijdens de workshop (in het midden). Foto door de organisatie van de VNOP-ISED-CAS Research Days

De sociale activiteit

Op de workshops volgde een hele gezellige sociale activiteit waarbij de drie groepen weer bij elkaar kwamen. We gingen met de hele groep PhD-kandidaten gezellig uit eten en deden mee aan een PubQuiz. Mijn team werd zelfs derde! Dat vond mijn groep een hele prestatie omdat bijna alle vragen over sport en topografie gingen – niet echt onze favoriete onderwerpen! Na een hele gezellige avond stapten we weer in de trein naar Leiden. Snel slapen, want de ochtend erna ging het congres gewoon door!

38608198022_248dbfac5f_o.jpg

De sociale activiteit. Foto door de organisatie van de VNOP-ISED-CAS Research Days.

De presentaties

Op de tweede dag van het congres waren er allerlei presentaties. De dag begon met een ‘Keynote lecture’ van mijn promotor, Eveline. Het was heel leuk om haar over ons onderzoek te horen vertellen en nog leuker om daarna vanuit de zaal allerlei vragen en suggesties te horen. Het is interessant om te zien dat onderzoekers uit andere steden en onderzoeksgroepen soms een hele nieuwe en frisse kijk hebben op het onderzoek waar je mee bezig bent. Na de Keynote volgden er twee sessies waarbij PhD-kandidaten hun onderzoek mochten presenteren. Hier kwamen niet alleen andere PhD-kandidaten bij kijken, maar ook senior onderzoekers (zoals professoren) en onderzoeksassistenten.

38665360491_445b176bf2_o.jpg

Toekijken tijdens de presentaties. Foto door de organisatie van de VNOP-ISED-CAS Research Days

Ik ging naar presentaties over ontwikkeling van zelfbeeld in de adolescentie en over sociaal gedrag. Niet alleen waren deze presentaties heel interessant en relevant voor mijn eigen onderzoek, het gaf me ook de kans om een paar van mijn collega’s te steunen die een presentatie gaven! Na de twee sessies was het tijd voor een pauze waarbij er onder het genot van een drankje posters gepresenteerd werden. Na de pauze brak er voor mij een spannend moment aan: ik ging voor het eerst buiten mijn onderzoeksgroep een presentatie geven! Ik had 20 minuten de tijd om mijn publiek over mijn onderzoek te vertellen. Omdat mijn presentatie vrijwel aan het einde van de dag plaatsvond, om 16:00 uur was ik bang dat er niet zoveel mensen zouden komen kijken. Niets bleek minder waar! De zaal zat helemaal vol en ik kreeg een heleboel interessante vragen over mijn onderzoek. Hoewel ik van tevoren best een beetje nerveus was bleek dat helemaal niet nodig te zijn: ik vond het juist hartstikke leuk om anderen te vertellen over het onderzoek waar ik me dagelijks mee bezig houd! Na mijn presentatie was het al weer tijd voor de afsluiting en de bijbehorende borrel. Op de terugreis naar huis wist ik één ding zeker: mijn eerste congres was een hele leuke en leerzame ervaring!